Javascript en cookies zijn nodig om deze site te bekijken

Arzoo empowert vrouwen via gezondheidsinformatie

door Lien Willaert

“Ik heb altijd al het gevoel gehad dat ik, als vrouw, andere vrouwen moest helpen. In de hele wereld gaan vrouwen erop vooruit, behalve bij ons, in Afghanistan. Veel vrouwen kennen er hun rechten niet, ze zijn nooit naar school geweest, dus luisteren ze naar hun ouders of man. Ze hebben geen toegang tot juiste informatie over hun eigen gezondheid. Dat gaat in tegen mijn rechtvaardigheidsgevoel. Omdat ik wél de kans heb gekregen om te studeren, vind ik het ook een stuk mijn verantwoordelijkheid om iets te doen aan de situatie van die vrouwen.”

We ontmoeten dr. Arzoo Bahramand in het UZ Gent, waar ze sinds 2017 aan de slag is als fertiliteitsarts op de afdeling Reproductieve Geneeskunde. Arzoo heeft een weg afgelegd die getuigt van een enorme veerkracht, en vooral van een grote verbetenheid om te volharden in haar missie: vrouwen informeren over reproductieve rechten en gezondheid.

Afghanistan bungelde helemaal onderaan de lijst op vlak van moeder- en kindsterfte. 

Voor ze in 2010 naar België is gevlucht, heeft Arzoo in Afghanistan een rijk gevuld leven: ze is er bijna afgestudeerd als gynaecologe, woont in een mooi huis met haar vier kinderen en haar man, Homayan, ook arts. Ze werkt op de afdeling verloskunde in het Public Health Hospital in Jalalabad, in het oosten van het land. Daar komt ze in contact met de grote gezondheidsuitdagingen waar vrouwen voor staan.

“Uit een UNICEF-rapport bleek dat Afghanistan helemaal onderaan de lijst bungelde op vlak van moeder- en kindersterfte. Het Ministerie van Gezondheid heeft toen drie grote acties gelanceerd. Ten eerste: bevallingen moeten begeleid worden door getrainde professionals. Ten tweede: antenatale consultaties in gemakkelijk bereikbare en toegankelijke gezondheidscentra. En tot slot: promotie van het gebruik van anticonceptie om de tijd tussen 2 opeenvolgende zwangerschappen, het zogenaamde child interval, te rekken.”

“In het ziekenhuis waar ik werkte, werd daartoe in 2006 een lokale afdeling van de ngo Afghan Family Guidance Association (AFGA) opgestart, met als doel vrouwen te informeren over anticonceptie. De meeste vrouwen daar zijn niet geschoold, hebben nog nooit van de pil of het condoom gehoord, en krijgen het ene kind na het andere. Ik heb heel veel patiënten gezien die een zuigeling hadden, een kindje van anderhalf jaar en ze waren weer zwanger. Dat is uiteraard erg nefast voor hun gezondheid en de gezondheid van de kinderen.”

Arzoo wordt door de ngo aangenomen om consultaties te doen. In de voormiddag werkt ze voor AFGA, in de namiddag op het verloskwartier, en ’s avonds in de privépraktijk van haar tante, een professor in de gynaecologie. Na een eerder moeilijke start, loopt het stilaan goed bij de ngo.

“Via AFGA hadden we naast anticonceptie ook andere medicijnen ter beschikking, zoals pijnstillers, antibiotica en vitaminepillen. Dus als een patiënt bijvoorbeeld een urineweginfectie had, konden we dat gratis behandelen, en ondertussen ook anticonceptie aanbieden. Het was iets extra voor die vrouwen die ook met andere problematieken bij ons kwamen. Daardoor kreeg ik ook een goede band met mijn patiënten. Meer vrouwen uit de regio begonnen ons op te zoeken. Ze vertelden ook steeds vaker over hun gezinssituatie en problemen thuis.”

Baas over eigen lichaam

De situatie voor vrouwen op het platteland is ronduit schrijnend. Arzoo moet er vaak tegen de heersende culturele regels opboksen, om patiënten te mogen helpen. Oudere vrouwen zijn vreemd genoeg vaak zelf de hoeders van die strenge normen. Arzoo haalt het voorbeeld aan van een patiënte die een levensreddende ingreep nodig had, maar daarvoor de toestemming van haar echtgenoot en zijn familie moest vragen.

“Het is de realiteit in mijn land dat vrouwen niet zelf mogen beslissen over hun lichaam. Een patiënte van mij had bijvoorbeeld een keizersnede nodig; zij en haar baby zouden het anders niet halen. Sommige mensen zijn echter van mening dat dat een soort van schande is, en dat die vrouw later nooit meer hard zal kunnen werken. Daarom liet haar schoonmoeder het niet toe.”

“We hadden dus de handtekening van de man nodig voor de operatie, maar mannen en vrouwen moeten in aparte ruimtes verblijven. Dus ik deed een grote hoofddoek om en vroeg aan de bewaker of ik met de man mocht gaan praten – het belang van de patiënt is op zo’n moment het enige dat telt voor mij. En van het ogenblik dat ik op die man begon in te praten, zei hij dat hij niet wist dat de levens van zijn vrouw en kind in gevaar waren. Hij heeft meteen het document ondertekend. Uiteindelijk gaat het gewoon over correcte informatie.”

Maar Arzoo’s inzet om vrouwen te helpen, de normen te doorbreken en de genderongelijkheid aan de kaak te stellen, wordt niet door iedereen geapprecieerd. Vooral het verspreiden van informeren over anticonceptie via de ngo valt niet overal in goede aarde.

Elke vrouw heeft recht op correcte gezondheidsinformatie.

“In Afghanistan zijn een aantal mensen van mening dat anticonceptie ‘tegen de islam’ is. Sommigen dachten dat het mijn bedoeling was om te voorkomen dat vrouwen nog kinderen zouden krijgen. Terwijl ik net altijd met mijn patiënten besprak dat ze samen met hun partner mochten kiezen hoeveel kinderen ze wilden, maar dat een goede planning wel belangrijk was. Na een zwangerschap en borstvoeding heeft je lichaam tijd nodig om te herstellen. Volgens mij is dat helemaal niet tegen de islam, het is simpelweg de juiste informatie. Ook in de Koran vind je daar trouwens bewijs voor.”

Ongeveer 4 jaar na haar start bij AFGA, begint Arzoo verontrustende dreigtelefoons te krijgen. Die maken eerst niet veel indruk, tot ze op zekere dag op het nippertje aan de dood ontsnapt bij een aanslag op haar leven. Ze krijgt over de telefoon te horen dat ze er de volgende keer niet zo gemakkelijk van af zal komen. Als blijkt dat de politie hen niet wil beschermen, nemen Arzoo en haar man het moeilijke besluit om samen met hun 4 kinderen – de jongste pas 5 maanden oud – Afghanistan te ontvluchten.

Een nieuwe start

Arzoo en haar gezin vinden elkaar na een lange, loodzware reis – ze raken elkaar kwijt onderweg – in 2011 terug in Gent. Daar begint voor hen een nieuw beproeving: de weg vinden in een onbekende stad, een vreemd land, met een onbegrijpelijke taal en een andere cultuur.

De artsendiploma’s van Arzoo en haar man worden bovendien niet erkend, en het is niet gemakkelijk om werk te vinden. Toch ze blijven niet bij de pakken zitten. Arzoo besluit, met volle ondersteuning van haar man, haar droom na te jagen. Homayan werkt in een nachtwinkel om de familie te onderhouden, terwijl Arzoo studies vroedkunde aanvat. Geen sinecure: terug gaan studeren, in het Nederlands.

Ze denkt soms aan opgeven, maar Arzoo zet door met de steun van haar gezin, en binnen de drie jaar haalt ze haar diploma van vroedkundige. De Stad Gent verkiest haar tot Student van het Jaar, en Arzoo wordt het gezicht van de Refugee Walk, een campagne van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. In het najaar van 2016 waagt ze opnieuw haar kans op diplomagelijkschakeling. Deze keer wél met succes. Niet veel later, in maart 2017 mag Arzoo aan de slag als ivf-arts in de Vrouwenkliniek in Gent.

Eerlijkheid vind ik heel belangrijk voor een arts.

“Mijn eerste droom was altijd om als gynaecoloog te werken. Ondanks de heel erge omstandigheden in Afghanistan, de schrijnende armoede en de slechte gezondheidstoestand van vrouwen, blijft de geboorte van een kind altijd een heel bijzondere en positieve gebeurtenis. Jammer genoeg kan ik nu niet verder die weg op. Maar ik ben wel ontzettend blij om te kunnen werken als een fertiliteitsarts. De beleving als arts is helemaal anders, maar het is ook een enorm interessante wereld.”

“Het grootste verschil met vroeger is zeker de relatie tussen arts en patiënt. Mijn patiënten hier zijn geschoolde mensen, met goede toegang tot informatie. Ze durven vragen te stellen over hun medicatie, over de verschillende opties. Het is heel fijn om met zo’n goed geïnformeerde doelgroep te werken, dat vind ik enorm uitdagend. Soms moet ik zeggen dat ik iets moet opzoeken om hun vragen correct te kunnen beantwoorden, of dat ik het met een collega zal bespreken. Eerlijkheid vind ik een heel belangrijke eigenschap van een arts.”

“Onze patiënten worden stap voor stap en in detail ingelicht over hun traject. We proberen alles zo goed mogelijk uit te leggen: hoe gebeurt IVF en ICSI, wat is de kwaliteit van een embryo, hoe werkt een terugplaatsing. We spenderen er veel tijd aan. En ik vind nog steeds, zoals vroeger in Afghanistan, dat dat patiënten hun volste recht is: correcte en volledige informatie krijgen.”

Eens activist, altijd activist

Voor de vrouwen in de Afghaanse gemeenschap in Gent is Arzoo een vertrouwenspersoon en rolmodel. Ze wijst hen, net zoals vroeger in haar moederland, op hun reproductieve rechten en informeert hen over anticonceptie. Ook hier komt dat nog met de nodige drempels.

“Misschien is het omdat we dezelfde talen spreken, misschien omdat ik hun situatie begrijp, maar ik weet dat ze hun eigen mening niet durven te zeggen. Dat is hoe ze opgevoed zijn. En de mannen staan ook onder druk van de familie, van de gemeenschap. Ik focus daarom vooral op het belang van de opvoeding en de scholing van hun kinderen. Ik ben heel blij dat het onderwijs hier verplicht is, voor jongens én meisjes. Misschien zal de situatie voor die kinderen later helemaal anders zijn.”

Voor zichzelf legt Arzoo de lat nog steeds erg hoog. Alle vrije tijd gaat naar haar gezin en … studeren. Op de fertiliteitsafdeling van het UZ komen immers bijna uitsluitende complexe problematieken voor.

“Eigenlijk als ik eerlijk ben: in de laatste 9 jaar ben ik mijzelf echt vergeten. Ik begrijp dat dat niet goed is, maar ik wil zo snel mogelijk alles over mijn vakgebied leren. Ik werk heel hard, en toch heb ik nog steeds het gevoel dat ik altijd een stukje achterblijf. Vlot communiceren, bijvoorbeeld een telefonisch gesprek voeren waarin ik slecht nieuws moet brengen, blijft altijd moeilijk. En als ik een hele week positieve reacties krijg van patiënten, maar ook 1 slechte, dan is het die laatste die het meest blijft hangen. Maar ik moet leren aanvaarden dat het onmogelijk is iedereen tevreden te stellen.

Politici als Petra De Sutter geven mij hoop voor de toekomst.

Als we Arzoo tot slot vragen naar wie zij opkijkt, en wie voor haar een inspirerende vrouw is, moet ze er geen seconde over nadenken.

“Mijn moeder en mijn tante in Afghanistan. En hier: professor Petra De Sutter. Ik vind het een ongelooflijk privilege om met haar te mogen samenwerken. Mijn collega’s en ik leren elke dag bij. Ze is een enorm intelligente, maar vooral ook een vriendelijke en heel geëngageerde vrouw. Ooit zei ik eens tegen haar, “ik haat politiek”, en ik moest toen uitleggen dat dat was omdat in Afghanistan politiek voor mij gelijkstond met corruptie en problemen. Maar als ik zie dat hier in België mensen als professor De Sutter in de politiek stappen, geeft mij dat echt hoop voor de toekomst.”

 

Reactie toevoegen

logo viva-svv

De inhoud van de site kan veranderen naargelang je een andere regio kiest.