Javascript en cookies zijn nodig om deze site te bekijken

Kutjaar met kleine gelukskes

door Martha

2020 was, om het zo te stellen, niet bepaald een groots en meeslepend jaar. Velen hebben er al uitgebreid hun zegje over gedaan, maar hear me out: dit gaat niet voor de zoveelste keer over de Vivaldicoalitie, Trump of de hele coronashitshow. Of toch niet helemaal. Dit gaat over de shitshow die heet: TTC. Trying to conceive. Oftewel: al lang een kindje proberen maken, en er niet in slagen. Want naast COVID-19 heeft vooral dàt het afgelopen jaar voor mij gemarkeerd.

Toegegeven, ik ben nog een relatieve newbie in de hele TTC-wereld. Ik heb nog mààr twee verjaardagen diezelfde wens uitgeblazen over de taart met kaarsjes. (De laatste keer spreekwoordelijk, uiteraard, wegens niet COVID-proof.) En ik heb nog mààr twee medisch geassisteerde ‘pogingen’ ondernomen. Maar, zoals de meesten die tegen wil en dank in deze community belanden, leer ik al doende bij. Het is een nogal, ja, praktijkgerichte ervaring.

Enkele van mijn nieuw opgedane subfertiliteitsvaardigheden zijn me het afgelopen jaar meteen goed van pas gekomen. Wij wensouders weten namelijk preciés hoe het voelt om in een soort van afzondering te zitten. Een beperkte bubbel van vertrouwelingen te hebben. Eindeloos lang te moeten wachten. In onzekerheid over de toekomst te leven, maar toch hoopvol te blijven. We weten dat de dagen tegelijk hemeltergend traag voorbij kunnen kruipen maar er, voor je het goed en wel beseft, toch weer een jaar om is. En we weten hoe het voelt om in stilte pijn te lijden.

Lockdown met een extra dimensie

Hoewel lockdowns en andere coronamaatregelen voor iedereen op een bepaalde manier slopend zijn, kregen TTC’ers er het afgelopen jaar nog een geheel uniek, extra sausje van lastigheid bovenop. Ik verklaar mij nader.

Doktersafspraken en fertiliteitsbehandelingen, waar vaak lange wachttijden aan vooraf gaan, werden tijdens de eerste coronagolf op meedogenloze wijze afgelast, wegens ‘niet-essentiële zorg’. Het begrip ‘code rood’, zo al gevreesd door wie zwanger wil worden, kreeg een geheel nieuwe dimensie. Mij bleef zo’n verplichte behandelpauze bespaard, maar sommige van mijn lotgenoten overkwam het later zelfs een tweede keer. In het oog van een storm, waar de zorgsector moet buigen om niet te kraken, toon je natuurlijk begrip. De vruchtbaarheidsbehandelingen zijn gelukkig intussen herstart. Maar de schrik voor een derde golf zit er goed in.

Ergens in maart deden bovendien Zoom, Teams en consoorten hun intrede op de telewerkvloer. Het duurde niet lang voor de gemiddelde vergadering werd geopend door ontredderde ouders die het lastig hadden door de gesloten scholen. Probeer maar eens te werken waar de kleine bij is! Terecht natuurlijk, hallo, dit is wel een pandemie, het is al heel wat om jezelf in leven te houden. Laat staan ook nog je kinderen te moeten pre-teachen, en dat zonder hulp van de anders zo betrokken oma’s en opa’s. Maar eerlijk? Veel wensouders zouden er een arm voor durven opgeven, om hun lieve leven op stelten te laten zetten door een paar mini-me’s. Elk heeft z’n miserie, maar echt bon ton was het niet om een ander geluid te laten horen dan het mainstream narratief. Dus je zwijgt. En leert de mute-knop strategisch in te zetten.

Gelukkig werd het zomer, en even leek het alsof het ergste voorbij was. Vrijheid, blijheid! Maar als een duiveltje-uit-een-doosje was ze daar: de vloedgolf van zwangerschaps- en geboorteaankondigingen die plotsklaps Instagram- en Facebookfeeds overal te lande overspoelde, want: ‘corona-babyboom’. (Danku trouwens, beste media, voor die blitse maar hartverscheurende krantenkop.) Online harassment van de ergste soort voor een TTC’er. Bon, de social distancing in mijn leven kende een nieuw hoogte- (of eerder diepte-?)punt, want ook daar ben ik de regels dan maar strikt beginnen toepassen. Een zelf-mute als het ware. Tot op vandaag zijn er geen versoepelingen van de maatregelen in het vooruitzicht.

Geen plaats voor dit soort rouw

En dan is er natuurlijk het alles verzwelgende verlies van meer dan 20 000 mensen, alleen al in ons land. 20 000 te vroeg geëindigde levens, 20 000 families die geen afscheid konden nemen zoals ze dat hadden gewild. Onmetelijk verdriet, zo eindeloos dat het bij momenten nooit lijkt te zullen ophouden. Daarnaast valt een niet eens rationeel te verklaren kinderwens natuurlijk in het niets. Meer zelfs, het voelt zelfingenomen om daartussen een plekje voor jouw rouw op te eisen. Om aandacht te vragen voor een leven dat er niét is, als zoveel ‘echte’ levens abrupt afgeknipt worden. Dus je zwijgt, nog wat langer. Rouwt in beperkte kring.

Net zoals zovele wensouders blijf ik, onder deze omstandigheden, liever nog wat in de luwte met mijn verhaal. Ondanks het feit dat ik soms wel denk een breed publiek ermee te kunnen entertainen. De gebeurtenissen zijn helaas niet zo luchtig en Instagrammable als een poederroze of babyblauwe gender reveal party. (Noch zo triest als dat krampachtige vasthouden aan de binaire wereld, by the way). Maar zeker wel zo bitterzoet als de verzuchtingen van multitaskende ploetermoeders en –vaders.

Ik zou bijvoorbeeld kunnen vertellen over de medicatie waarvan je eierstokken in overdrive gaan, en hoe de aanblik van een bord geklutste eieren nooit meer hetzelfde zal zijn sinds mijn lief dat grappend vergeleek met de stand van zaken in mijn lijf. Over het willens-nillens moeten overwinnen van een bloedfobie en dat dat proces met vallen en opstaan gaat, maar dat de labomedewerkers me al een beetje beginnen te kennen dus voorzichtig zoeken naar nog niet lekgeprikte aderen. Of over wat het met een mens doet als je voor het eerst, om klokslag middernacht in het blauwe licht van je laptop met Youtube-instructievideo, een naald in je eigen buikrolletje moet ploffen. Voodoo is er niks bij.

Zoek de silver lining

Tot zo lang wentelen wij ons hier nog even in het onverwachtse comfort van de lockdown met ons twee. Ja, dat durf ik eindelijk schaamteloos te zeggen, het heeft ook zijn voordelen: geen gependel, geen FOMO, geen gebroken nachten en wél uren van gestolen tijd met elkaar. We vinden klein geluk op andere plaatsen, in afwachting van het grootste klein gelukske. En we kussen onze beide, uiteraard goed gewassen en ontsmette handjes, met de stuk voor stuk fantastische knuffel-, babbel- en wandelvrienden die ons als trouwe supporters aan de zijlijn, maand na maand blijven aanmoedigen. Het is hartverwarmend hoe zij meeleven, de humor erin helpen houden en in stilte hun vingers en alle andere ledematen steevast driedubbel kruisen voor ons.

Dus nee, 2020 was alles behalve groots en meeslepend. Het was werkelijk een kutjaar, en dat mag je in mijn geval gerust behoorlijk letterlijk nemen. Maar op veel vlakken bleek het ook ontroerend, verrassend, leerrijk en inspirerend. Aan elke dikke donderwolk zit een silver lining. Een les om later aan de kinderen mee te geven, quoi.

Reactie toevoegen

logo viva-svv

De inhoud van de site kan veranderen naargelang je een andere regio kiest.